Oekraïne is sinds de start van de protesten op het Maidan-plein
in crisis. Ondertussen sloot de Krim zich eenzijdig aan bij
Rusland en beginnen ook de oostelijke provincies zich af te
zetten tegen het nieuwe bestuur in Kiev. Tijd om op een rijtje
te zetten wie wie is in het conflict.
DE OEKRAÏENSE INTERIMREGERING
Aleksandr
Toertsjinov: De huidige interimpresident, en tevens
parlementsvoorzitter, is in eigen land een gevierd schrijver. In zijn
boeken komen vooral thema's als corruptie en totalitaristische regimes
aan bod. In 2005 werd een boek van hem, 'Illusie van angst', verfilmd. Toertsjinov
is eveneens econoom en baptistisch priester.
Toertsjinov stond halverwege de jaren '90 samen met oppositieleidster
Joelia Timosjenko aan de wieg van de Vaderlandpartij. Tussen 2007 en
2010 bekleedde hij het ambt van vicepremier tijdens het premierschap van
Joelia Timosjenko. Aleksandr Toertsjinov werd op 23 februari, de dag dat
Viktor Janoekovitsj werd afgezet, verkozen tot waarnemend president. Een
dag eerder was hij al voorzitter geworden van het parlement.
Arseni Jatsenjoek: De huidige interimpremier van
Oekraïne kende een vorming als jurist en econoom. Op zijn 27ste werd
hij reeds waarnemend minister van Economie in de Autonome
Krimrepubliek. In 2005 werd hij minister van Economische Zaken van
heel Oekraïne.
In 2007 werd hij minister van Buitenlandse Zaken onder Viktor
Janoekovitsj. Later werd hij parlementsvoorzitter. Bij de protesten
in Oekraïne fungeerde Jatsenjoek als een woordvoerder van de
oppositie. Op 27 februari werd hij door de Oekraïense demonstranten
voorgedragen als waarnemend premier.
Arsen Avakov: is
momenteel minister van Binnenlandse Zaken in de interimregering onder
leiding van Arseni Jatsenjoek. Van opleiding is hij industrieel
ingenieur en hij geldt als een gevierd econoom in Oekraïne.
Na lokale politieke functies te hebben
bekleed in de regionale politiek te Charkov, trad hij in 2010 toe tot
het blok rond oppositieleidster Joelia Timosjenko. Datzelfde jaar stelde
hij zich ook kandidaat om burgemeester van Charkov te worden, maar
verloor nipt.
Avakov heeft ook een gerechtelijk verleden en stond in 2012 nog
internationaal geseind door Interpol. Hij zat een tijdje vast in Italië.
Later dat jaar werd hij voor de Vaderlandspartij verkozen in het
Oekraïense parlement.
Andriï Dechtchitsa: Dechtchitsa is minister van
buitenlandse zaken in de huidige Oekraïense interimregering. Hij
startte zijn diplomatieke carrière in 1996 op de Oekraïense
ambassade in Polen. Dechtchitsa spreekt dan ook vloeiend Pools.
Nadien maakte Dechtchitsa nog uitstapjes naar PAUCI - een
organisatie die de Pools-Oekraïense-Amerikaanse samenwerking moet
bestendigen - en naar de Oekraïense ambassade in Finland, voordat
hij in 2004 terugkeerde naar de ambassade in Polen.
Onder president Viktor Joestsjenko werd Dechtchitsa aangesteld
als woordvoerder op Buitenlandse Zaken. Na een vierjarig verblijf
als ambassadeur in IJsland en Finland, kwam hij uiteindelijk bij de
OVSE terecht. Daar werd Dechtchitsa uiteindelijk weggeplukt om de
regering te vervoegen.
Andrij Paroebij: Is de voorzitter van de Oekraïense
Nationale Veiligheidsraad. Paroebij was al politiek voor de
onafhankelijkheid van Oekraïne en werd in 1988 zelfs gearresteerd voor
het organiseren van een illegale protestmars. Hij was lid van een
radicale nationalistische partij en in het begin van de 21ste eeuw stond
Paroebij zelfs aan het hoofd van de paramilitaire organisatie Patriotten
van Oekraïne.
Paroebij was één van de leiders van de Oranjerevolutie en kwam nadien
in het Oekraïens parlement terecht. In 2012 stapte hij over naar de
Vaderlandpartij van Toertsjinov en Timosjenko en werd hij opnieuw
verkozen in het parlement.
Als één van de drijvende krachten achter het protest op Maidan en de
coördinator van het vrijwillig veiligheidskorps daar, werd Paroebij
beloond met de post in het orgaan dat de regering adviseert over
veiligheidsaangelegenheden.
PRO-EUROPESE FIGUREN
Joelia Timosjenko: Voormalig Oekraïens premier
en oppositieleidster Timosjenko had al carrière gemaakt als - niet
onomstreden - zakenvrouw in de gassector voordat ze in 1996 verkozen
raakte in het Oekraïense parlement.
In 2005 vergaarde Timosjenko - wereldwijd bekendheid als 'de
prinses van de Oranjerevolutie'. Als dank voor haar bijdrage werd
Timosjenko - die van een opgestoken vlecht haar handelsmerk maakte -
door president Joestsjenko benoemd tot eerste minister in zijn
regering.
De samenwerking tussen de twee was echter van korte duur, want
nog hetzelfde jaar bedankte Joestsjenko Timosjenko's regering voor
bewezen diensten en beschuldigde haar ervan de ideeën achter de
revolutie verloochend te hebben.
Timosjenko was echter vastbesloten om terug te keren en bij haar
tweede poging, na de parlementsverkiezingen in 2007, slaagde ze erin
opnieuw eerste minister te worden. In 2010 kwam Timosjenko op bij de
presidentsverkiezingen, maar verloor die van Viktor Janoekovitsj
waarna ze in de oppositie belandde.
Kort na die verkiezingen begon de Oekraïense openbaar aanklager
onderzoeken te (her)openen naar Timosjenko wegens omkoping, misbruik
van overheidsfondsen en machtsmisbruik. Voor dat laatste misdrijf
werd ze in 2011 veroordeeld tot zeven jaar celstraf.
Na de opstand op Maidan stemde het Oekraïense parlement ervoor
Timosjenko vrij te laten. Ze is vandaag de voorzitster van de
Vaderlandpartij, de grootste oppositiepartij in Oekraïne, en ze zal
in die hoedanigheid ook deelnemen aan de verkiezingen.
Vitali Klitsjko: Oppositieleider Klitsjko vergaarde
- net als zijn broer Vladimir - roem als bokser. Als zwaargewicht won
hij 45 van zijn 47 kampen, waarbij hij zijn tegenstander 41 keer knock
out sloeg. Klitsjko won verschillende wereldtitels van de belangrijkste
boksbond WBO en stopte op zijn 40ste als titelhouder.
Ondertussen was Klitsjko - doordat hij in het bezit was van een
doctoraatstitel kreeg hij de bijnaam Dr. Ironfist - zich gaan
interesseren in politiek. Hij was een aanhanger van de Oranjerevolutie
en werd nadien adviseur van president Joestsjenko.
In 2006 verloor Klitsjko de burgemeestersverkiezingen in Kiev maar in
2012 werd hij als leider van de oppositiepartij Udar wel verkozen in het
parlement. Tijdens de protesten op Maidan dit jaar werd de voormalige
bokser hét gezicht van de Oekraïense oppositie.
Nadat Klitsjko in februari had aangekondigd te zullen opkomen bij de
presidentsverkiezingen op 25 mei, kwam hij daar in maart op terug en
sprak zijn steun uit voor de kandidatuur van Petro Porochenko. Klitsjko
zelf zal opnieuw opkomen om burgemeester van Kiev te worden.
Petro Poroshenko: Is de belangrijkste
presidentskandidaat en favoriet in de eerste peilingen. Poroshenko
vergaarde fortuin - Forbes schatte zijn vermogen in 2012 op 1
miljard dollar - in de chocolade-industrie. Het leverde hem de
bijnaam 'de Chocoladekoning' op.
In 1998 werd Poroshenko verkozen in het Oekraïens parlement. Hij
verliet de meerderheid in 2001 om de campagne van Viktor Joestsjenko
te leiden. Hij zou ook één van de grootste geldschieters geweest
zijn voor de Oranjerevolutie.
Na Joestjenko's aanstelling als president kwam Poroshenko aan het
hoofd van de nationale veiligheidsraad. Nadat hij en eeuwige rivaal
Joelia Timosjenko beschuldigingen van corruptie heen en weer
begonnen te slingeren, werden beiden echter uit hun functie
ontheven.
Eind 2009 werd Poroshenko echter opnieuw aangesteld door
Joestsjenko, ditmaal als minister van Buitenlandse Zaken. Later
zetelde hij in de regering-Janoekovitsj als minister van Handel.
In 2012 werd Poroshenko als onafhankelijke verkozen in het
parlement en in die hoedanigheid speelde hij volgens internationale
waarnemers een belangrijke rol in de oppositie tegen Janoekovitsj.
PRO-RUSSISCHE FIGUREN
Viktor Janoekovitsj: Voormalig - en volgens Rusland
nog steeds legitiem - Oekraïens president Janoekovitsj begon zijn
politieke carrière in 1997 als gouverneur van Donetsk. In 2002 werd hij
door toenmalig president Leonid Kusjma voorgedragen als eerste minister.
In 2004 nam Janoekovitsj in de presidentsverkiezingen op tegen Viktor
Joestsjenko. In de eerste ronde behaalde geen van beiden meer dan 50
procent van de stemmen, waardoor een tweede ronde nodig was. Daarin won
Janoekovitsj met een minimaal verschil, maar na nationaal en
internationaal protest beval het Oekraïense hooggerechtshof een
herneming. Die werd door Joestsjenko gewonnen.
In 2010 haalde Janoekovitsj het bij de presidentsverkiezingen van
Joelia Timosjenko. Hij zou drie jaar aan de macht blijven. In november
2013 kondigde de regering-Janoekovitsj aan de ondertekening van het
associatieverdrag met Europa uit te stellen. Dat betekende de start van
de Maidan-protesten.
Na een bloedige veldslag tussen de betogers en de ordetroepen tekende
Janoekovitsj op 21 februari onder internationale druk een overeenkomst
met de oppositie. Op 22 februari stemden 328 van de 447 parlementsleden
ervoor hem af te zetten als president. Janoekovitsj spreekt echter van
een coup en ziet zichzelf nog steeds als de legitieme leider van
Oekraïne.
AUTONOME REGERING OP DE KRIM
Sergej Aksjonov: De huidige eerste minister op
het Oekraïense schiereiland de Krim werd tijdens een omstreden
geheime zitting verkozen door het plaatselijke parlement. Het
parlementsgebouw was op dat moment in handen van pro-Russische
milities, die door Aksjonov zelf in het leven werden geroepen.
Aksjonov werd pas in 2008 politiek actief, en hij was sindsdien
de drijvende kracht achter verschillende pro-Russische partijen en
bewegingen. Sinds 2010 zetelde Aksjonov in het parlement van de Krim
voor de partij Russische Eenheid.
Na zijn aanstelling tot eerste minister organiseerde Aksjonov een
referendum over de aanhechting van de Krim bij Rusland. 95 procent
van de inwoners stemde voor. Aksjonov wordt door de Oekraïense
veiligheidsdiensten gezocht voor het plegen van een staatsgreep.
Zijn naam staat ook op de zwarte diplomatieke lijst van de EU.
Vladimir Konstantinov: Is voorzitter van het
parlement op de Krim. Hij is de belangrijkste compagnon van premier
Aksjonov en zou diens politieke carrière (financieel) gesteund hebben.
Konstantinov is een voormalig sovjet-militair die als
projectontwikkelaar die in verschillende schandalen is verwikkeld van
niet terugbetaalde bankleningen en mislukte bouwprojecten. Tot op
vandaag werd hij echter nergens officieel van beschuldigd.
Op de lijst staan nog enkele minder bekende ‘separatistische’
figuren op de Krim. Het gaat onder meer om Roestam Temirgaljev,
de vicepremier die de organisatie van het referendum op het schiereiland
mee mogelijk heeft gemaakt, en Alexei Tsjali, de burgemeester van
Sevastopol. Ook Sergei Tsekov, gewezen
vicevoorzitter van het Oekraïense parlement, komt op de lijst voor.
BUITENLANDSE BEMIDDELAARS IN HET CONFLICT
Radoslaw Sikorski: De Poolse minister van
Buitenlandse Zaken was één van de eerste buitenlandse bemiddelaars in
het Oekraïense conflict. Hij zat mee achter de totstandkoming van het
vredesakkoord tussen de regering-Janoekovitsj en de oppositie in
februari.
Sergej Lavrov: Is de Russische minister van
Buitenlandse Zaken. Is internationaal gezien de verdediger van het
pro-Russische gedeelte van Oekraïne en wordt in die hoedanigheid ook
uitgenodigd voor elk topoverleg over de crisis.
John Kerry: Een andere vaste waarde op
die topmeetings is de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken John
Kerry. Ook hij is al lang van nabij betrokken bij het conflict. Zo
bracht hij in februari al een bezoek aan het Maidanplein om de
actievoerders een hart onder de riem te steken.
Foto: Photo News
De Amerikaanse president Barack Obama heeft het akkoord over
Oost-Oekraïne voorzichtig verwelkomd. Maar het akkoord is
volgens hem geen garantie voor een de-escalatie. In dat geval
kunnen nieuwe sancties tegen Rusland volgen. Rusland is niet
opgezet met de reactie van president Obama.
In Genève bereikten Rusland, Oekraïne, de EU en de VS een akkoord
om de situatie in Oost-Oekraïne te ontmijnen. Ze spraken af dat
illegale gewapende groepen in Oekraïne de plaatsen moeten verlaten
die ze bezet houden. De onderhandelaars beloofden ook amnestie voor
de antiregeringsdemonstranten.
‘Ik denk niet dat we over eender wat zeker kunnen zijn in dit
stadium. De mogelijkheid bestaat dat de diplomatie tot een
de-escalatie van de situatie kan leiden’, reageert het Witte Huis.
Maar volgens de Amerikaanse president ‘zullen nog meerdere dagen
nodig zijn om te bekijken of de verklaringen concreet worden’.
‘Ik hoop dat we de komende dagen effectief een verbetering zien,
maar ik denk niet, gezien de prestaties in het verleden, dat we daar
op kunnen rekenen’, verklaarde Obama.
De Amerikaanse president blijft scherp voor Rusland. Hij zei dat
de VS en zijn bondgenoten klaar zijn om nieuwe sancties tegen
Rusland op te leggen als de situatie niet verbetert. De massale
aanwezigheid van soldaten nabij de grens met Oekraïne noemt Obama
intimidatie en hij ziet ‘de hand van Rusland’ in de huidige ‘chaos’
in het oosten en zuiden van Oekraïne.
'VS proberen geweld tegen pro-Russische demonstranten wit
te wassen'
De Russen zijn niet bepaald tevreden met de verklaringen van de
Amerikaanse president Obama. Voor Rusland zijn de dreigementen van
nieuwe sancties tegen Rusland 'volstrekt onaanvaardbaar'.
Het Russische ministerie van Buitenlandse Zaken beschuldigde de
Amerikanen ervan het geweld van de Oekraïense autoriteiten tegen
pro-Russische demonstranten in de Oostelijke provincies 'wit te
willen wassen'.
De Duitse buitenlandminister Frank-Walter Steinmeier bestempelde
het akkoord als ‘een eerste belangrijke stap’, maar ‘nog vele
stappen moeten volgen’. Obama hield ook telefonisch overleg met
bondskanselier Angela Merkel, net als met de Britse premier David
Cameron.
De Russiche minister voor Buitenlandse Zaken Sergej
Lavrov. Foto:
REUTERS
De vier partijen op het internationale overleg in Genève
over de crisis in Oekraïne zijn het eens geworden over een
stappenplan om een deëscalatie van de crisis te
bewerkstelligen en de spanningen te verminderen. Dat heeft
de Russische minister van Buitenlandse Zaken Sergej Lavrov
donderdag aangekondigd na afloop van de ontmoeting.
Het document verklaart dat 'alle illegale gewapende groepen
ontwapend moeten worden, alle illegaal bezette gebouwen opnieuw
aan hun legitieme eigenaars moeten worden afgestaan, alle
illegaal bezette straten, pleinen en andere publieke plaatsen in
de Oekraïense steden vrijgemaakt moeten worden'.
Het goedgekeurde document maakt ook gewag van amnestie voor
iedereen die de bepalingen van het akkoord respecteert, met
uitzondering van zij die 'schuldig zijn aan halsmisdaden'. Een
waarnemersmissie van de Organisatie voor Veiligheid en
Samenwerking in Europa (OVSE) moet de toepassing van de
overeenkomst begeleiden en controleren.
Brede nationale dialoog
Lavrov riep op tot het onmiddellijk opstarten van een brede
nationale dialoog in het land. Kerry en Ashton beklemtoonden dat
voor Oekraïne nu een weg naar de oplossing voor de problemen met
uitsluitend vreedzame middelen is geopend. De verschillende
partijen deelden ook mee dat ze 'iedere uiting van extremisme,
racisme en religieuze intolerantie, waaronder antisemitisme,
streng veroordelen en verwerpen'.
Volgens Kerry verwachten de Verenigde Staten dat de
pro-Russische activisten in het oosten van Oekraïne de wapens
neerleggen. Waarnemers merken op dat de formuleringen in het
akkoord ook op de aanhangers van de pro-Westerse
interim-regering in Kiev zijn gericht. Lavrov noemde specifiek
de ultranationalistische groep Rechtse Sector (Pravij Sektor,
red).
'Geen troepen naar Oekraïne'
Lavrov beklemtoonde nog dat Rusland niet van plan is troepen
naar Oekraïne te sturen. 'Dat zou tegen onze fundamentele
belangen zijn', aldus de Russische buitenlandminister. Volgens
Kerry trekt Rusland de troepen aan de grens met Oekraïne terug,
als het vredesplan degelijk wordt toegepast. In ruil zou
Washington het opheffen van de sancties tegen enkele Russen
onderzoeken.
Volgens Andrej Desjtsjitsa, de Oekraïense interim-minister
van Buitenlandse Zaken die ook aan het gesprek deelnam, bestaan
er nog steeds 'problemen' tussen Rusland en Oekraïne.
Het viertal zat donderdag langer samen dan voorzien in
Genève. Er werd gewerkt aan een gemeenschappelijke verklaring
die als basis moest dienen voor een vreedzame oplossing van de
crisis in Oekraïne.
Vladimir Poetin: 'Misdaad'
Eerder op de dag had de Russische president Vladimir
Poetin de militaire actie in Oost-Oekraïne als een ‘zware
misdaad’ veroordeeld. Hij sprak toen ook al de hoop uit op een
diplomatieke oplossing. Poetin gaf toen wel aan dat een
Russische interventie binnen de mogelijkheden lag. Dat zei hij
tijdens zijn jaarlijkse ‘vraag-en-antwoord’-marathon op
televisie.
Rusland zal volgens Poetin al
het mogelijke doen om de Russisch-sprekende bevolking in het
oosten van Oekraïne te helpen. Maar vliegtuigen en
pantservoertuigen gaan de crisis niet beëindigen, stelde Poetin
in zijn interview.
De president veroordeelde het geweld van de niet-gekozen
nieuwe Oekraïense regering tegen de eigen bevolking. Hij had het
over een ‘zware misdaad’ van de machthebbers in Kiev en
waarschuwde hen voor de 'afgrond' waarop ze afstevenden.
Russisch leger actief in Krim
Poetin ontkende ook opnieuw de beschuldigingen als zouden
Russische militairen betrokken zijn bij de onlusten in
Oost-Oekraïne. ‘Er zijn in het oosten van Oekraïne helemaal geen
Russische eenheden. Er zijn geen geheime diensten en geen
instructeurs.’
Poetin gaf wel voor de eerst keer toe dat Russische
militairen in de Krim actief zijn geweest. Eerder hield hij vol
dat de gemaskerde mannen in camouflage-uniformen lokale
'zelfverdedigingsgroepen' waren. De
annexatie van de Krim noemde hij deels het gevolg van
uitbreiding van de Navo naar het oosten.